Hoe de Mentale Gezondheidsnetwerken helpen bij het vinden van passende zorg
In de praktijk van huisarts Dirkse en POH-GGZ Pieter van Romburgh zijn mentale klachten zelden eenduidig. “Wat we steeds vaker zien, is dat er meer speelt dan alleen psychische problematiek,” zegt Verena Dirkse. “Werk, geld, relaties: het loopt vaak door elkaar. En dat maakt het lastig om direct de juiste route te bepalen.”
Voor de komst van de Mentale Gezondheidsnetwerken (MGN) betekende dit in de praktijk vaak dat patiënten werden doorverwezen naar de ggz. “Dat was eigenlijk de standaard,” vertelt Pieter van Romburgh. “Maar je merkte dat een verwijzing naar de ggz niet altijd de meest passende oplossing was. Mensen kwamen op een wachtlijst terecht, terwijl er soms iets anders of breders nodig was.”
Breder kijken naar de hulpvraag
Via de regio kwam HAP Statenkwartier in Den Haag in aanraking met het MGN. “In eerste instantie was ik wel een beetje sceptisch,” geeft Pieter van Romburgh aan, “maar in de praktijk blijkt het juist te helpen om overzicht te krijgen.”
De kern van het MGN is het verkennend gesprek. Daarin wordt samen met de inwoner gekeken naar de volledige situatie: niet alleen de klachten, maar ook wat er speelt op andere levensgebieden. “Vooral bij mensen bij wie meerdere dingen spelen, is dat waardevol,” zegt Pieter van Romburgh.
Minder uitzoekwerk, meer duidelijkheid
Na aanmelding wordt het proces overgenomen door het gezondheidsnetwerk. Dat ervaren beiden als een belangrijk voordeel. “Je hoeft niet zelf alles uit te zoeken of overal achteraan te gaan,” zegt Pieter van Romburgh. “En je krijgt duidelijke terugkoppeling.”
Volgens Verena Dirkse geeft dat rust in de praktijk. “Je weet dat er breder wordt gekeken en dat iemand op een passende plek terechtkomt. Dat helpt in de afweging die je maakt.”
Ook in tijd merkt de praktijk verschil. “Het scheelt gewoon werk,” zegt Pieter van Romburgh. “Minder heen-en-weer verwijzen, minder zoeken. En uiteindelijk wordt iemand sneller geholpen.”
Passende ondersteuning dichterbij
Dat verschil is ook merkbaar voor inwoners. “Wat we terughoren, is dat mensen zich serieus genomen voelen,” zegt Verena Dirkse. “Er wordt echt naar het geheel gekeken.”
Een voorbeeld uit de praktijk onderstreept dat. “We hadden iemand met psychische klachten, maar de kern zat vooral in problemen rondom werk en financiën,” vertelt Pieter van Romburgh. “Via het verkennend gesprek kwam dat duidelijk naar voren en werd daar eerst op ingezet. Dat sloot beter aan bij wat nodig was.”
Samen werken rondom de patiënt
Het MGN verandert ook de samenwerking. “De lijnen zijn korter,” zegt Pieter van Romburgh. “Samenwerken deden we al, maar het MGN zorgt voor meer overzicht en maakt het makkelijker om sneller de juiste partijen aan te haken.”
Verena Dirkse herkent dat: “Het voelt minder als iets ‘overdragen’ en meer als gezamenlijk oppakken. Dat maakt het werk ook prettiger.”
Voor andere huisartscollega’s: probeer het
Voor huisartsen en POH-GGZ die nog niet met het MGN werken, hebben beiden een duidelijke boodschap. “Probeer het gewoon,” zegt Pieter van Romburgh. “In de praktijk merk je snel genoeg wat het oplevert.”
Verena Dirkse vult aan: “Zie het niet als een extra stap. Het helpt om sneller de juiste zorg te vinden en zorgt dat mensen op de plek komen die echt bij hen past.

MGN